Nieuwe digitale tachograaf: Parlement laat sector met gemengde gevoelens achter

Gisteren vond in het Europees parlement de stemming plaats betreffende de nieuwe digitale tachograaf.

Febetra verwelkomt de bevestiging dat het patronaal attest van non-activiteit, dat chauffeurs in het voertuig moeten bijhebben om hun afwezigheden te staven, wordt afgeschaft. Het wegvervoer is immers de enige sector waar men zijn afwezigheden dient te verantwoorden. In geen enkele andere sector moeten afwezigheden verantwoord worden tegenover de controlediensten. Bovendien betekent het opstellen van dergelijke verklaringen een zware administratieve last voor de transportonderneming.

Het Europees parlement vraagt ook dat controleurs op een degelijke manier worden opgeleid. Febetra kan dit alleen maar toejuichen aangezien we soms moeten vaststellen dat boetes bij gebrek aan een degelijke kennis van de reglementering, onterecht worden uitgeschreven.

Alle voertuigen van meer dan 2,8 t – dus niet alleen de nieuwe voertuigen – zullen ook moeten uitgerust worden met een nieuwe digitale tachograaf. Deze verplichte retrofit betekent dan ook dat transportbedrijven – ook diegene die de reglementering correct naleven – zullen opgezadeld worden met bijkomende kosten. Het parlement kiest hier voor de gemakkelijke oplossing in plaats van een methodiek uit te werken die ertoe zou leiden dat enkel de fraudeurs worden aangepakt.

Net zoals haar Nederlandse zusterorganisatie pleit Febetra ervoor dat chauffeurs bij controles langs de weg worden gecontroleerd over een periode van 7 dagen in plaats van de huidige 28 dagen. De praktijk leert immers dat deze 28 dagenregel leidt tot torenhoge boetes terwijl het om kleine overtredingen gaat.

Met hoge boetes moet men de fraudeurs aanpakken. Daar wringt nochtans het schoentje nog steeds. Harmonisatie van de boetes tussen de verschillende lidstaten blijft nog steeds achterwege.

Print This Post